JAN BEUTENER | After All

JAN BEUTENER | After All

Met een uitgebreide overzichtstentoonstelling brengt Museum MORE een ode aan het oeuvre van Jan Beutener (1932). Een kijker. Een ontdekker van dingen. Van details die hij een unieke lading geeft, van suggestieve maar altijd heldere uitsnedes of uitvergrotingen. Met gevoel voor absurdisme. En voor humor vermengd met melancholie. Alleen Beutener kan kiezen voor een paar knokige knieën die uitsteken tegen een windscherm of een zakdoekje verstopt in de naad van een fauteuil. Hij ziet een bijzondere lichtval, de manier waarop een blad aan een plant hangt of de schim van een wegrennend persoon. Zijn beelden sluiten ieder rumoer buiten en lijken de zwaarte van het bestaan te relativeren. Uiteindelijk blijkt Beutener een vertellende realist pur sang. Een kunstenaar ook, die met zijn werk bewijst dat ‘het schilderij’ als kunsthistorisch fenomeen nog altijd springlevend is. Terwijl de schilderkunst veelvuldig doodverklaard werd toen Beutener zijn artistieke weg koos in de jaren ’60 en ’70. After All toont een selectie van meer dan 70 schilderijen, waaronder natuurlijk ook tijdloze iconen zoals Beuteners intieme maar ook geestige ‘Aardappels’. Een terugblik op 50 jaar kunstenaarschap tussen 1969-2019.

In 1968 nam Beutener het besluit zich voortaan helemaal te richten op schilderkunst, terwijl hij daarvóór voornamelijk grafiek maakte in een abstracte expressionistische stijl. Dit betekende voor hem vooral een bewuste overgang naar realisme. Juist in die periode was kiezen voor het pure realisme in de avant-garde kunstwereld nogal strijdig met waar zijn collega’s Gustave Asselbergs, Woody van Amen en Lucassen zich mee bezig hielden, de kunst van de pop-art, die door tentoonstellingen in het Stedelijk Museum vanuit de Verenigde Staten naar Europa was overgewaaid. Deze Amerikaanse kunst was nieuw, progressief, radicaal en bediende zich van reclame-uitingen, symbolen van massamedia en televisiebeelden.

Beutener kende zichzelf goed. Juist hij, die niet zozeer was opgeleid voor schilderkunst, blijkt achteraf in zijn schilderijen een vertellende realist pur sang te zijn en de behoedzame en zorgvuldige manier van schilderen past volkomen bij hem. Hij zegt in de catalogus bij de tentoonstelling Relativerend Realisme in Het Van Abbemuseum, Eindhoven in 1972: ‘Ik kies voor het schilderij; het gegeven geeft het een maat en bepaalt de kijkrichting. Dit geeft het beeld. Het enige toevallige is de afstand die u neemt tot mijn schilderijen’.

Beutener is een kijker. Wanneer iets in de verschijningsvorm van mensen, dieren, planten of voorwerpen hem opvalt, ontstaat een idee als uitgangspunt voor een schilderij. Dikwijls is het speciaal het stoffelijke, materiële aspect dat hem treft, bijvoorbeeld een paar knokige knieën die uitsteken tegen een windscherm, een geschilde aardappel of een zakdoekje verstopt in de naad van een fauteuil. Het kan de manier zijn waarop een blad aan een plant hangt of het betreft de schim van een wegrennend persoon. Een bijzondere lichtval, de weerschijn van de zon op een vrucht of een merkwaardig perspectief kan evengoed de aanleiding tot een idee zijn. Beutener is vooral een ontdekker van de dingen en vindt zelden iets uit. In zijn realisme staat het detail dat hem opvalt centraal. Vervolgens voegt hij de elementen samen tot één beeld, rangschikt deze en reduceert net zo lang tot de juiste geladenheid bereikt wordt. Voorwaarde is dat het resultaat altijd helder is.

Hoe het schilderij verder wordt uitgewerkt, hangt af van de wijze waarop hij geprikkeld wordt. Alle stijlmiddelen zijn daarbij geoorloofd: uitvergroten, verkleinen, herhalen, uitsnijden van fragmenten, desnoods het plaatsen in een vreemde context, het kan wat hem betreft allemaal. Het beeld dat hem heeft getroffen, kan uiterst eenvoudig van aard zijn of toevallig complex. Hij kent er geen symbolische of mystieke betekenis aan toe. De motieven liggen in het kleine gebied binnen de omgeving van mensen en voorwerpen om hem heen.

Aardappels uit 1969, het bekende werk uit het Stedelijk Museum Amsterdam, illustreert op een prachtige manier het effect van de uitvergroting van zo’n ‘gewoon’ voorwerp. De hoekige vorm van de geschilde aardappel tegenover de ongeschilde aardappelknol en er is het glinsterende lemmet van het mesje, geschilderd vóór en na het schillen. Het schilderij is een tijdloos icoon geworden. In In Between, 1969 vindt herhaling, vergroting en uitsnijding plaats. Het arrangement geeft de suggestie van twee zakenlui aan een vergadertafel vol mannen in grijs kostuum, symmetrisch in uniform, betrouwbaar en saai. In Achternamiddag, 1972 wordt de aanwezigheid van een zonnebadend figuur gesuggereerd door het spoor van een verkreukelde handdoek. Beutener als exact registrator heeft er plezier in om dit tafereel in de vreemde context te zetten van een plat dak met het perspectief van bovenaf gezien. Hij heeft deze zogenaamde ‘doosvorm’ meerdere keren gebruikt. De uitvergroting en vooral de benauwend gesloten vorm is ook te zien in Dubbelverpakking, 1982. Het afsnijden, het combineren met grote vlakken en het gebruiken van het hoge standpunt in het perspectief zet hij in de jaren ’80 en later door. Dit is goed te zien aan Binnenskamers, 1985.

Wat Beutener met kleur wil bereiken, heeft alles te maken met zijn gevoel voor lichtval, een van zijn inspiratiebronnen. Kleur zorgt voor een verhoogde spanning in de zorgvuldig geconstrueerde voorstelling. Kijk naar Bed uit 1978, het met wit doorschoten geel van de sprei versterkt het oplichten. Soms is er alléén maar licht zoals in Le Sud, 1994 of The Room uit 2015. Een staaltje van schilderkunst om iets ongrijpbaars te schilderen als licht dat niet als zodanig bestaat, maar afstraalt op iets anders.

Beutener gebruikt nooit harde of felle kleuren, maar verzonken, gedekte halftonen die als een warm en subtiel vlies over het schilderij hangen. In Wet, 2008 en Laat Uur, 2008 nemen de kleuren van het avondrood zoals je dat buiten ziet en het diffuse grijs na een hele dag nattigheid de functie van de figuratie nagenoeg over. Het zijn suggesties van landschappen door bewuste plaatsing van een horizon en door attributen als een windturbine en bosschages in tegenlicht te schilderen.

Twee van zijn meest kleurrijke en tegelijk absurde schilderijen zijn Over de rand en Hangend beide uit 2005. De roze rubberen werkhandschoen is hier verheven tot onderwerp. Sterk uitvergroot en vooral diep roze gekleurd hangen de slappe vingers over de rand te drogen en bij het andere schilderij ligt de gevouwen handschoen over een zwarte emmer. Roze en zwart zijn de hoofdkleuren en deze veroorzaken bijna de suggestie van een omgekeerde zijden hoge hoed waar de roze handschoen elegant en chique overheen is gedrapeerd.

Na 2000 verschuift zijn smaak naar menselijke lichamen. In Liggend Naakt, uit 2010-2011 is het lijf geschilderd als een glooiend landschap. Net als bij Hot Day, 2008 waar de figuur van de zonnebader samen met de omheining en de schoorsteen min of meer de afstandelijke onderdelen vormen van een landschap. From Africa, 2015 stelt een mollige donkere vuist voor, vol in beeld, in een ietwat dreigende houding, maar niets daarvan; de scène blijft ingehouden. In His uit 2013, is de stalen kracht van een bodybuilder in een driehoek gevangen. De bolling van de gespannen huid staat gefixeerd op de zwaarst mogelijke inspanning. De punt van de elleboog midden in de driehoek vormt een hart en steunt met alle kracht op het tafelblad.   

Beuteners laatste werk tot nu toe Op linnen uit 2019, is een mooie vermenging van humor en melancholie. Het schilderij stelt het atelier voor zoals je dat aantreft na een tijd van werken en er weer opnieuw tegen aan wilt gaan. Het draait hier natuurlijk om het interessante spel van vlakken en lijnen ten opzichte van elkaar in een kleur die alle voorwerpen met elkaar verbindt. Toch gaat het ook om de keerzijde van het schilderij dat wij nog niet mogen zien. Je wordt gedwongen de rest eromheen te interpreteren: de schilderjas die verlaten en onaangeraakt aan de muur hangt, de scheur in de gestucte muur die nooit gerepareerd zal worden, maar ook het jasje dat al over de stoelleuning hangt en aankondigt dat het schilderij weldra klaar zal zijn.

Gastconservator is Moniek Peters in samenwerking met Jan Beutener.

Publicatie

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk-geïllustreerd boek. Auteurs zijn Feico Hoekstra en Moniek Peters. Uitgever MORE Books.

Hoofdbeeld: Jan Beutner, hangend, 2009, particuliere collectie

OPENINGSTIJDEN
Dinsdag t/m zondag: 10.00 – 17.00 uur.

Het evenement is afgelopen.

Datum

19 jan 2020 - 31 mei 2020
Verlopen!

Meer informatie

Website
Museum MORE - Gorssel

Locatie

Museum MORE - Gorssel
Hoofdstraat 28 7213 CW Gorssel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Close
error: Alert: Content is protected !